Financiën

Onderwijs en opleiding

4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken

Afwijking realisatie t.o.v. begroting
(bedragen x € 1.000)

Lasten

 

Baten

 

Saldo

 

4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken

-631

N

1.009

V

377

V

 

Toelichting op afwijking(en)

Lasten

Ontwikkeling Lokaal Onderwijsbeleid (€ 336.000 N – I)
Per saldo rapporteren we op het Actieplan Jeugdzorg & Onderwijs een voordeel van ongeveer € 200.000. De belangrijkste reden voor deze onderbesteding is het niet volledig uitnutten van de budgetten voor de acties ‘Aanbod buiten schooltijd (verrijkte schooldag)’ en ‘M@ZL’.

 

Voor beide acties geldt dat er inhoudelijk acties plaatsvinden welke deels zijn bekostigd uit andere middelen. Vanuit het actieplan is er een uitbreiding gekomen van het aantal scholen en leerlingen die meedoen aan de verrijkte schooldag. Ook het naschoolse programma is uitgebreid met nieuw ontwikkeld aanbod. Er is een bijdrage gedaan aan 7 PO-scholen. Hiermee krijgen ongeveer 200 leerlingen van scholen waar kansengelijkheid onder druk staat een buitenschools programma met sport, gezondheid, cultuur en natuuractiviteiten aangeboden. De verder beoogde uitbreiding van de verrijkte schooldag zal gedaan worden door de onlangs toegekende subsidie School en Omgeving. De subsidie is aangevraagd door een coalitie van schoolbesturen, gemeente en maatschappelijke partners en toegekend aan 10 scholen uit het PO en 3 scholen uit het VO. De subsidie zal wijkgericht worden ingezet zodat nog veel meer kinderen zullen profiteren van toekomstbestendig verrijkt aanbod na schooltijd. De opstart en implementatie van het programma wordt (deels) vanuit het actieplan bekostigd en zal na opzet worden belegd bij de schoolbesturen.

Ten aanzien van M@ZL (meer aandacht voor ziekgemelde leerlingen) is de methodiek op alle scholen geïmplementeerd. De gemeente financiert extra inzet van jeugdverpleegkundigen en jeugdartsen op basis van deze werkwijze. Deze inzet is passend en voldoende, extra inzet van financiële middelen van de gemeente is niet nodig. Inzet van mentor- en begeleidingsuren op school wordt door het onderwijs bekostigd. Inhoudelijk zijn er tevreden reacties van aangesloten scholen, maar zien we dat er op een aantal scholen nog extra aandacht kan worden besteed aan de werkwijze. Deze ontwikkeling blijft aandacht krijgen.

 

Onderwijsachterstandenbeleid (€ 409.000 V – I)
De werkdruk onder medewerkers in de kinderopvang is hoog, waardoor het niet mogelijk was om extra activiteiten te ontwikkelen. Daarnaast is bij één aanbieder de uitbreiding met een extra VE-groep niet gerealiseerd, omdat niet werd voldaan aan de eisen met betrekking tot huisvesting. Hierdoor is een deel van de middelen niet besteed.

 

In 2025 is vanuit onze gemeente ruim € 4,6 miljoen ingezet voor het onderwijsachterstandenbeleid. De definitieve subsidietoekenning vanuit het Rijk (€ 5,290 miljoen) is hoger dan in de begroting opgenomen (€ 5,018 miljoen). Doordat deze beschikking pas eind oktober bekend werd, kon dit extra bedrag niet meer in 2025 besteed worden. Het resterende bedrag wordt, samen met het restant van voorgaande jaren, toegevoegd aan het besteedbaar budget voor 2026. Na 2026 volgt een eindafrekening met het Rijk.  

 

Regio Meld- en Coördinatiepunt (€ 346.000 N – I)
De gerealiseerde lasten en baten van het Regio Meld- en Coördinatiepunt zijn hoger dan begroot. De daadwerkelijke toekenningsbeschikking viel hoger uit dan waar in de begroting rekening mee is gehouden. Daarnaast is in november een extra, niet-begroot subsidiebedrag van € 113.000 ontvangen. De hogere lasten worden veroorzaakt doordat diverse RMC-subsidies pas in het vierde kwartaal zijn vastgesteld en uitbetaald. Tot dat moment was de exacte hoogte van de subsidies nog niet bekend en is de begroting niet aangepast.

Per saldo rapporteren we een voordeel van € 126.000. Dit dient als aanvullende dekking voor de medewerkers die zich inzetten voor de doorstroomfunctie (RMC).

Voorschoolse Voorzieningen Peuters (€ 201.000 V – I)
Bij de opstelling van de Regeling tegemoetkoming kosten peuteropvang is uitgegaan van deelname van circa 90 peuters binnen het door het Rijk beschikbaar gestelde budget. Uit de ingediende aanvragen blijkt dat voor 88 peuters subsidie is aangevraagd om een kindplaats van 8 uur per week te realiseren. De inkomsten uit ouderbijdragen zijn echter hoger uitgevallen dan waarmee de gemeente rekening had gehouden.

 

In 2025 zijn de lasten van het VVP circa € 200.000 lager dan geraamd. Dit wordt deels verklaard doordat een deel van de activiteiten kon worden gefinancierd vanuit het incidentele budget van het Actieplan Jeugdzorg en Onderwijs. Dit budget is als eerste ingezet, waardoor een hoger saldo resteert op het VVP-budget.

 

De aanname dat alle circa 340 peuters die geen gebruik maken van peuteropvang hiervan gebruik zouden gaan maken bij een lagere ouderbijdrage, blijkt in de praktijk niet te kloppen. Als gevolg hiervan zijn de lasten van het VVP in 2025 lager uitgevallen dan begroot.

 

VSV-project (€ 200.000 N – I)

In 2025 zijn zowel de baten als de lasten van het VSV-project (vroegtijdig schoolverlaters) € 200.000 hoger uitgekomen dan begroot (begroting € 519.000, realisatie € 719.000)

 

In de begroting was geen rekening gehouden met een positief saldo van € 267.000 uit 2024. Conform de oorspronkelijke afspraken zouden de niet-benutte middelen uit de periode 2020-2025 aan het einde van 2025 worden afgerekend. Vanwege de overgangsregeling mag het restant van deze middelen alsnog worden doorgeschoven naar 2026 (eventuele afrekening vindt plaats na 2026). Van het totale saldo van € 267.000 is € 67.000 direct meegenomen naar 2026; het resterende bedrag van € 200.000 is in 2025 ingezet.

 

Informatiepunten Digitale Overheid (IDO) (€ 162.000 N – I)

De beschikking voor IDO was nog niet in de begroting verwerkt. Per saldo leidt dit tot een kostenneutraal effect (€ 0), waarbij zowel de baten als de lasten € 162.000 hoger uitvallen. Voor 2026 zal de beschikking wel in de begroting zijn opgenomen.

 

Overige verschillen (€ 197.000 N – I)

Baten

Ontwikkeling Lokaal Onderwijsbeleid (€ 536.000 V – I)
Zie toelichting bij de lasten. 

 

Onderwijsachterstandenbeleid (€ 409.000 N – I)

Zie toelichting bij de lasten. 

 

Regio Meld- en Coördinatiepunt (€ 473.000 V – I)
Zie toelichting bij de lasten.  

 

VSV-project (€ 200.000 V – I)

Zie toelichting bij de lasten.  

 

Informatiepunten Digitale Overheid (IDO) (€ 162.000 V – I)

Zie toelichting bij de lasten.  

 

Overige verschillen (€ 47.000 V – I)

Deze pagina is gebouwd op 06/02/2026 17:04:11 met de export van 06/02/2026 16:56:50